Veel gestelde vragen

Enkele veel gestelde vragen over de LCvV worden hier beantwoord. Als u uw
vraag hier niet aantreft, neemt u dan contact op met het secretariaat van de LCvV.
Dat kan telefonisch (030 2739344) of via het contactformulier.

Wie zijn aanwezig tijdens een hoorzitting?

De LCvV wordt tijdens hoorzittingen vertegenwoordigd door de voorzitter en twee leden. Bovendien is de secretaris aanwezig, zij maakt een samenvattend verslag van de hoorzitting.

De zorgaanbieder wordt in principe vertegenwoordigd door de bestuurder of de directeur. De cliëntenraad wordt vertegenwoordigd door degene die daartoe bevoegd is volgens het reglement van de cliëntenraad. Meestal zijn dat de voorzitter en de secretaris van de cliëntenraad. Ook andere leden van de cliëntenraad kunnen desgewenst aanwezig zijn.

De cliëntenraad en de zorgaanbieder kunnen desgewenst een adviseur meenemen naar de hoorzitting, bijvoorbeeld een advocaat. Cliëntenraden die zijn aangesloten bij de LOC, het LSR of VraagRaak kunnen een beroep doen op deze organisaties. 

Wie kunnen een beroep doen op de LCvV?

Leden van ActiZ, van de Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (VGN), van GGZ Nederland, NVZ vereniging van ziekenhuizen en de cliëntenraden die door hen zijn ingesteld kunnen een beroep doen op de LCvV.

Wat houdt bemiddeling in?

Het is mogelijk dat de LCvV aanbiedt te proberen een geschil via bemiddeling op te lossen. Wanneer beide partijen daar mee instemmen volgt uitnodiging voor een bemiddelingsgesprek op een geschikte locatie van zorgaanbieder. Het gesprek vindt plaats onder leiding van een van de LCvV commissieleden die als neutrale en onafhankelijke derde, met kennis van zaken, zal proberen om partijen bij elkaar te brengen. De secretaris van de commissie is aanwezig om afspraken vast te leggen en/of om een kort verslag van het besprokene voor partijen op te stellen.

De bedoeling van het gesprek is dat partijen hun geschil oplossen; dat kan soms door een nadere toelichting op gebeurtenissen of standpunten te geven, soms door een compromis te sluiten en soms door nieuwe/nadere afspraken te maken of een andere praktische oplossing te bedenken. Bij een bemiddeling geeft de LCvV geen oordeel of bindende uitspraak over de zaak!

Een bemiddelingsgesprek kan leiden tot de volgende uitkomsten:

1. partijen zijn tevreden over het resultaat van de bemiddeling en de zaak komt daarmee tot een einde; de procedure wordt gestopt;

2. partijen weten nog niet zeker of ze tevreden zijn, de zaak wordt enige tijd aangehouden met de mogelijkheid van een vervolggesprek;

3. een of beide partijen is/zijn niet tevreden over het resultaat van de bemiddeling. Er kan dan alsnog een verzoek tot een hoorzittingsprocedure gedaan worden om tot een bindende uitspraak te komen.

Bemiddeling kan alleen met uitdrukkelijke toestemming. Het staat geheel vrij om wel of niet op een bemiddelingsvoorstel in te gaan.

Welke zaken kunnen aan de LCvV worden voorgelegd?

In de Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen (Wmcz) staat welke zaken aan de LCvV kunnen worden voorgelegd. Een cliëntenraad kan bijvoorbeeld een beroep doen op de LCvV als hij vindt dat de zorgaanbieder zich niet houdt aan de verplichting om advies te vragen. Of als de raad informatie nodig heeft, maar de zorgaanbieder deze niet wil geven. Een zorgaanbieder kan een beroep doen op de LCvV als hij een besluit wil nemen ondanks dat de cliëntenraad daarover een negatief advies heeft gegeven. De LCvV kan, naast de meningsverschillen die de Wmcz noemt, ook andere meningsverschillen behandelen, mits de zorgaanbieder en de cliëntenraad dit met elkaar hebben afgesproken. 

Waar wordt de hoorzitting gehouden?

De LCvV houdt zitting op een locatie van de zorgaanbieder van waaruit het geschil is ingediend.

Hoe lang duurt een procedure bij de LCvV?

De LCvV behandelt de verzoeken die aan haar worden voorgelegd zorgvuldig en voortvarend. In de regel doet de LCvV binnen drie maanden uitspraak.

Hoe lang een bemiddelingsprocedure duurt hangt sterk af van de omstandigheden, het eerste gesprek kan doorgaans al op korte termijn gehouden worden.

Hoe verloopt de procedure bij de LCvV?

De LCvV bevestigt de ontvangst van een verzoek schriftelijk. De LCvV stuurt een kopie van het verzoek aan de zorgaanbieder. Of, als de zorgaanbieder het verzoek heeft gedaan, aan de cliëntenraad. De voorzitter van de LCvV bepaalt of de LCvV een bemiddelingsgesprek houdt of een hoorzitting organiseert. De secretaris neemt vervolgens contact op met de cliëntenraad en de zorgaanbieder om een afspraak te maken voor het bemiddelingsgesprek of de hoorzitting. Gedurende de hele procedure past de LCvV het principe van hoor en wederhoor toe. Cliëntenraad en zorgaanbieder ontvangen dus elkaars brieven aan de LCvV en krijgen gelegenheid om daarop te reageren.

De procedure is gedetailleerd beschreven in het reglement van de LCvV.

Wanneer doet de LCvV uitspraak?

Enkele weken na de hoorzitting ontvangen cliëntenraad en zorgaanbieder een schriftelijke uitspraak van de LCvV. Hierin beschrijft de LCvV van welke feiten zij is uitgegaan, welke regels daarop van toepassing zijn en tot welk oordeel de LCvV op basis daarvan is gekomen. Uitspraken van de LCvV zijn bindend.

Hoe verloopt een hoorzitting?

De voorzitter van de LCvV leidt de hoorzittingen. De bedoeling van een hoorzitting is om de informatie te krijgen over het meningsverschil die de LCvV nodig heeft om daarover een uitspraak te kunnen doen. De voorzitter stelt de zorgaanbieder en de cliëntenraad tijdens de hoorzitting in de gelegenheid om hun standpunten toe te lichten. Waar mogelijk zal de LCvV stimuleren dat de cliëntenraad en de zorgaanbieder tijdens de zitting alsnog mogelijkheden ontdekken om hun meningsverschil onderling op de lossen. In dat geval stelt de LCvV haar uitspraak uit tot gebleken is of zij erin slagen deze mogelijkheden te benutten.

Behandelt de LCvV klachten van cliënten?

Het woord ‘vertrouwenslieden’ wordt soms verward met ‘vertrouwenspersonen’. Vertrouwenspersonen adviseren cliënten die niet tevreden zijn met wat de zorgaanbieder hen biedt en helpen hen zonodig bij het indienen van een klacht. De LCvV heeft echter geen taken ten aanzien van klachten van cliënten. De LCvV is er uitsluitend voor meningsverschillen tussen cliëntenraden en zorgaanbieders.

Wat kost een procedure bij de LCvV?

De LCvV wordt in stand gehouden door vier organisaties van zorgaanbieders - ActiZ, de Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (VGN), GGZ Nederland en de NVZ vereniging van ziekenhuizen - en drie organisaties van cliëntenraden - LOC Zeggenschap in Zorg, het LSR en VraagRaak. Deze organisaties dragen ook het grootste deel van de kosten van de LCvV. Aan de zorgaanbieder die een beroep op de LCvV doet (en eveneens wanneer diens cliëntenraad dit doet), brengt de LCvV een eigen bijdrage in rekening. Dit bedrag is afgestemd op de griffierechttarieven van rechtbanken en bedraagt per 1 januari 2018  € 466,- voor een hoorzittingsprocedure. Wanneer de LCvV komt bemiddelen kost dat de organisatie € 400,- per gesprek. Aan cliëntenraden brengt de LCvV nooit kosten in rekening.

 

Ook organisaties die niet bij Actiz, VGN, GGZ Nederland of NVZ zijn aangesloten kunnen LCvV inschakelen bij cliëntmedezeggenschapsgeschillen. Hun instellingsreglement of andere rechtsgeldige overeenkomst dient daar dan wel in te voorzien. In deze gevallen brengt de LCvV de kostprijs van een hoorzittingsprocedure (tarief 2018: € 4.846) of bemiddeling (tarief 2018: € 2.045) in rekening.

 

Kan de LCvV adviseren bij de toepassing van de Wmcz?

Om haar taak als bemiddelaar en scheidsrechter goed te kunnen vervullen, moet de LCvV onafhankelijk en onpartijdig zijn. De LCvV kan daarom niet als adviseur van een cliëntenraad of zorgaanbieder optreden. Dan zouden immers de onpartijdigheid en onafhankelijkheid van de LCV in het geding kunnen komen. Voor advies verwijst de LCvV cliëntenraden door naar de LOC, het LSR of VraagRaak en zorgaanbieders naar ActiZ, VGN, GGZ Nederland of de NVZ.

Zorgaanbieders en cliëntenraden kunnen uiteraard wel een beroep doen op het secretariaat van de LCvV als zij geïnformeerd willen worden over de werkwijze van de LCvV of over de uitspraken die de LCvV heeft gedaan.

Hoe schakel ik de LCvV in?

Cliëntenraden en zorgaanbieders kunnen schriftelijk een beroep doen op de LCvV. In de brief moet staan om wat voor meningsverschil het gaat. Bovendien moet alle informatie worden bijgevoegd die van belang is voor de beoordeling van het meningsverschil, denk daarbij aan verslagen, brieven en dergelijke.

Wie overweegt om de LCvV in te schakelen kan uiteraard vooraf contact opnemen met de secretaris om dit te bespreken.

Wat kan de LCvV doen?

De LCvV heeft een taak bij meningsverschillen tussen cliëntenraden en zorg­aan­bieders. De LCvV kan door bemiddeling proberen menings­verschillen op te lossen. Bovendien is de LCvV bevoegd om een uitspraak te doen over meningsver­schil­len. Deze uitspraak is bindend; cliëntenraad en zorgaanbieder moeten zich er dus aan houden.

Wat betekent de WMO voor de toegang tot de LCvV?

Door de invoering van de WMO 2015 is de reikwijdte van de WMCZ enigszins beperkt en is de naleving hiervan niet meer verplicht voor zorginstellingen die uitsluitend vanuit de WMO gefinancierd worden. In plaats daarvan kan nu in een gemeentelijke verordening bepaald worden voor welke instellingen er een regeling voor cliëntmedezeggenschap moet zijn. Of er een medezeggenschapsregeling is bij WMO zorgverlening, kan dus per gemeente verschillen.  Zolang een instelling een reglement (en/of samenwerkingsovereenkomst) voor de cliëntmedezeggenschap heeft waarin de LCvV als geschilbeslechtende instantie opgenomen is, zullen verzoeken wel in behandeling genomen kunnen worden.